Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 21 december 2021 in de zaak tussen
[naam eiser] , te [plaatsnaam 1] , eiser
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda, verweerder
de Staat der Nederlanden(de minister van Justitie en Veiligheid).
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep voor het overige gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt het college op om binnen zes weken na de verzending van deze uitspraak een nieuw besluit op bezwaar te nemen met inachtneming van deze uitspraak;
- bepaalt dat het college aan eiser de verbeurde dwangsom van € 1.442,- dient te betalen;
- draagt het college op het betaalde griffierecht van € 174,- aan eiser te vergoeden;
- veroordeelt het college in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.496,-;
- veroordeelt het college tot het betalen van een schadevergoeding aan eiser tot een bedrag van € 500,-;
- veroordeelt de Staat der Nederlanden tot het betalen van een schadevergoeding aan eiser tot een bedrag van € 3.500,-.