Eiseres heeft meerdere aanvragen ingediend voor een Wajonguitkering, waarbij het UWV telkens heeft geweigerd deze toe te kennen op grond dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die een herziening van eerdere besluiten rechtvaardigen.
De rechtbank heeft beoordeeld of het UWV terecht heeft geweigerd terug te komen op de besluiten van 22 maart 2017 en 12 maart 2018. Uit het dossier blijkt dat de medische situatie van eiseres sinds 2017 niet wezenlijk is veranderd en dat zij geen gerichte behandeling heeft ondergaan die tot duurzame arbeidsongeschiktheid zou leiden.
Eiseres stelde dat er nieuwe klachten zoals angst- en paniekaanvallen waren, maar deze zijn niet onderbouwd met medische stukken. De rechtbank volgt het UWV in de conclusie dat de eerdere besluiten onherroepelijk zijn en dat het herzieningsverzoek terecht is afgewezen.
De rechtbank oordeelt dat het besluit niet evident onredelijk is en dat eiseres geen recht heeft op een Wajonguitkering. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.