Eiseres en haar echtgenoot ontvingen sinds 2002 een AOW-uitkering en een AIO-aanvulling. Na het overlijden van haar echtgenoot in juli 2018 ontving eiseres een AIO-aanvulling voor alleenstaanden. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) ontdekte via onderzoek dat de echtgenoot pensioen uit Frankrijk had opgebouwd en ontvangen, hetgeen niet was gemeld.
Eiseres betwistte kennis van het Franse pensioen en stelde dat sprake was van persoonsverwisseling en onregelmatigheden, en voerde dringende redenen aan om terugvordering te voorkomen. De rechtbank oordeelde dat de Svb aannemelijk had gemaakt dat het pensioen aan de echtgenoot was uitbetaald en dat de inlichtingenplicht schending niet door onbekendheid kon worden opgeheven.
De rechtbank stelde vast dat de schending van de inlichtingenplicht een rechtsgrond voor herziening en terugvordering vormt. Eiseres maakte niet aannemelijk dat zij recht had op de AIO-aanvulling over de betwiste periode. Dringende redenen voor kwijtschelding werden niet vastgesteld. Het beroep werd ongegrond verklaard.