ECLI:NL:RBZWB:2023:6542
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajong-uitkering wegens onvoldoende duurzaam arbeidsongeschiktheid
Eiser heeft op 27-jarige leeftijd een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering, welke door het UWV is afgewezen wegens onvoldoende duurzaam arbeidsongeschiktheid. De rechtbank beoordeelt het beroep tegen deze afwijzing, waarbij het medisch en arbeidskundig onderzoek centraal staat.
De verzekeringsarts en arbeidsdeskundigen concluderen dat eiser weliswaar beperkingen heeft, waaronder een antisociale persoonlijkheidsstoornis, maar dat hij met begeleiding in staat is om minimaal vier uur per dag eenvoudige taken uit te voeren. Eiser heeft een arbeidsverleden met meerdere contracten, waarbij geen ernstige ziekmeldingen zijn die zijn functioneren belemmerden.
De rechtbank oordeelt dat het UWV terecht heeft vastgesteld dat eiser arbeidsvermogen heeft en dat de laattijdige aanvraag de bewijslast bij eiser legt om het tegendeel aannemelijk te maken. De door eiser aangevoerde medische e-mail en omstandigheden overtuigen de rechtbank niet van een ernstiger situatie.
Gelet op het wettelijk kader en de feiten wordt het beroep ongegrond verklaard, waarmee de afwijzing van de Wajong-uitkering wordt bevestigd. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding en het griffierecht wordt niet vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het UWV-besluit tot afwijzing van de Wajong-uitkering wordt bevestigd.