ECLI:NL:RBZWB:2023:8298
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Borm
- Rechtspraak.nl
Terugvordering loon en schadevergoeding na ontslag op staande voet wegens fraude en diefstal
De kantonrechter van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde de zaak waarin [eiser], een bouwmarkt, een voormalige kassa-/klantenservicemedewerker op staande voet had ontslagen wegens fraude en diefstal. De werknemer zou bonuspunten van klanten onrechtmatig hebben geüpload op een klantenpas en met die pas artikelen hebben afgerekend zonder correcte registratie. Tevens werden goederen niet gescand, wat leidde tot financiële schade.
Tijdens de procedure werden camerabeelden getoond die het handelen van de werknemer ondersteunden. Ondanks ontkenning berustte de werknemer in het ontslag, waardoor de arbeidsovereenkomst per 24 maart 2022 eindigde. De kantonrechter oordeelde dat het teveel betaalde loon over de betreffende periode van € 319,93 terugbetaald moest worden. Daarnaast werd een schadevergoeding van € 20,94 toegekend voor het onterecht gebruikte bedrag via de klantenpas en € 196,19 voor niet gescande artikelen.
De kantonrechter verwierp de verweren van de werknemer, onder meer omdat de camerabeelden en kassabonnen samenhang vertoonden en het niet scannen van artikelen niet aannemelijk werd betwist. Ook werden wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten toegewezen. De werknemer werd veroordeeld tot betaling van in totaal € 621,95 plus rente en de proceskosten van € 825,22.
Het vonnis werd op 29 november 2023 uitgesproken door kantonrechter Borm en is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De ex-werknemer moet € 621,95 terugbetalen plus rente en proceskosten na ontslag op staande voet wegens fraude.