ECLI:NL:RBZWB:2024:3760
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Sluiting woning wegens aantreffen grote hoeveelheden soft- en harddrugs ter voorkoming drugshandel
Verzoeker huurt een woning waar op 11 januari 2024 door de politie grote hoeveelheden soft- en harddrugs zijn aangetroffen, waaronder henneptoppen, hasj, cocaïne en opiaten. De burgemeester besloot de woning voor drie maanden te sluiten op grond van artikel 13b van de Opiumwet, omdat de drugshoeveelheden duiden op handel. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting en dat het beleid (Damoclesbeleid) correct is toegepast. De woning en de kelderbox worden als één geheel beschouwd. De aanwezigheid van grote hoeveelheden drugs en contant geld, evenals meldingen van overlast en aanwijzingen van drugshandel, maken sluiting noodzakelijk ter bescherming van het woon- en leefklimaat.
Verzoekers stelling dat hij geen weet had van de drugs en dat de buurjongen de woning gebruikte, wordt niet geloofd. Ook het belang van verzoeker om in de woning te blijven weegt niet zwaarder dan het algemeen belang bij sluiting. De voorzieningenrechter verwacht dat het besluit in bezwaar standhoudt en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wegens drugshandel wordt afgewezen.