Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 oktober 2024 in de zaak tussen
[eiser] , uit [plaats] ,
[eiseres] B.V. h.o.d.n. [de brasserie] , uit [plaats] ,
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg, verweerder,
Inleiding
.
Totstandkoming van het besluit
Beoordeling door de rechtbank
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
voornamelijktot doel het verhuren van zaalruimten voor feesten en partijen. In het licht van het feit dat werd beoogd een partycentrum en grootschalige horeca uit te zonderen is de functieaanduiding ‘feestzaal uitgesloten’ zó onduidelijk dat sprake is van rechtsonzekerheid. Aan handhavend optreden kan daarom volgens de brasserie in het geheel niet worden toegekomen.
,omdat hetzelfde doel met minder ingrijpende maatregelen kan worden bereikt. Er kan handhavend worden opgetreden tegen overschrijding van de geluidsnormen uit het Activiteitenbesluit milieubeheer (nu Besluit activiteit leefomgeving). Handhavend optreden is daarnaast niet evenwichtig, omdat de objectief ondervonden geluidsoverlast getuige het aantal meldingen van overlast beperkt is en de brasserie de afgelopen jaren aanzienlijke investeringen heeft gedaan en maatregelen heeft getroffen om overlast zo veel mogelijk te voorkomen. Verder zijn er voor de komende jaren bruiloften gepland en het afzeggen daarvan kan mogelijk leiden tot het moeten betalen van schadevergoeding. Ter zitting heeft het college daaraan nog toegevoegd dat het gebruik als feestzaal bij letterlijke uitleg van de planregel een overtreding van het bestemmingsplan vormt, maar dat het waarschijnlijk alleen de bedoeling van de planwetgever was om vestiging van een partycentrum of grootschalige feestlocatie te weren. De bedoeling van de planwetgever vormt een bijzondere omstandigheid om van handhavend optreden af te zien.