ECLI:NL:RBZWB:2025:5514
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkheidsverklaring bezwaar omgevingsvergunning aanbouw rundveestal
Eiseres maakte bezwaar tegen een omgevingsvergunning voor een aanbouw aan een rundveestal, maar het college verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat eiseres geen persoonlijk, van anderen te onderscheiden belang zou hebben. De rechtbank stelde vast dat eiseres op ongeveer 378 meter afstand woont, dichterbij dan het door het college aangenomen 478 meter, en dat zij wel degelijk gevolgen van enige betekenis kan ondervinden.
De rechtbank oordeelde dat het college ten onrechte het bezwaar niet-ontvankelijk heeft verklaard, mede omdat het college de afstandsnorm uit de Wet geurhinder en veehouderij niet als bepalend mag zien voor belanghebbenschap. De inhoudelijke gronden van het bezwaar, waaronder milieugevolgen en de beoordeling van een melding op grond van het Activiteitenbesluit Milieubeheer, moeten bij de heroverweging worden betrokken.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en gaf het college zes weken de tijd om een nieuw besluit te nemen, waarbij het griffierecht aan eiseres wordt vergoed. De rechtbank ziet geen aanleiding zelf een beslissing te nemen of een bestuurlijke lus op te leggen.
Uitkomst: Het bezwaar is ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard; het college moet een nieuw besluit nemen.