ECLI:NL:RBZWB:2025:5751
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens overschrijding vermogensgrens door geregistreerde auto
Verzoeker diende op 7 april 2025 een aanvraag om bijstand in, die door het college werd afgewezen wegens overschrijding van de vermogensgrens, met name door een auto die op zijn naam stond geregistreerd. Verzoeker stelde dat zijn financiële situatie was verslechterd en dat hij niet de eigenaar was van de auto omdat hij deze met geleend geld van zijn ouders had gekocht.
De voorzieningenrechter stelde vast dat verzoeker weliswaar een spoedeisend belang had vanwege het ontbreken van inkomsten en het gebruik van de voedselbank, maar dat hij niet aannemelijk had gemaakt dat de auto geen onderdeel van zijn vermogen vormde. De auto stond nog steeds op zijn naam en verzoeker kon er vrijelijk over beschikken.
De rechtbank oordeelde dat het college terecht de auto bij het vermogen had betrokken en dat de aanvraag terecht was afgewezen. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt afgewezen wegens overschrijding van de vermogensgrens door een auto op naam van verzoeker.