Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het UWV omdat het niet tijdig heeft beslist op haar aanvraag van 23 mei 2025 voor herbeoordeling van de arbeidsongeschiktheid van een ex-werknemer. De rechtbank stelt vast dat het UWV de beslistermijn heeft overschreden en dat eiseres het UWV op 28 oktober 2025 in gebreke heeft gesteld.
Het UWV heeft aangegeven dat de overschrijding te wijten is aan een tekort aan verzekeringsartsen en verzocht om een beslistermijn van 40 weken. De rechtbank oordeelt dat een termijn van vier maanden redelijk is om een zorgvuldige besluitvorming mogelijk te maken, maar wijst het verzoek tot een langere termijn af.
De rechtbank legt een dwangsom van € 100,- per dag op met een maximum van € 15.000,- voor elke dag dat het UWV de termijn overschrijdt. Tevens moet het UWV het griffierecht en proceskosten van eiseres vergoeden. Het beroep wordt gegrond verklaard en het UWV wordt opgedragen binnen vier maanden alsnog een besluit te nemen.