ECLI:NL:RVS:2000:AA4965
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J.R. Bakker
- P.J.J. van Buuren
- C.A. Terwee-van Hilten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting horecabedrijf wegens aanwezigheid verboden middelen ondanks beroep
De burgemeester van Zaltbommel sloot het horecabedrijf van appellanten per direct en voor onbepaalde tijd vanwege de vondst van pillen met verboden middelen (2C-B) in strijd met de APV. Na bezwaar werd de sluiting beperkt tot een jaar. De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten gegrond, maar handhaafde de rechtsgevolgen van het besluit.
Appellanten voerden aan niet op de hoogte te zijn geweest van het verboden karakter van de pillen en betwistten de betrouwbaarheid van de narcotesten. De Raad van State oordeelde dat appellanten het risico van verkoop van drugs zelf dragen en dat het bewijs van het Gerechtelijk Laboratorium voldoende was. De afwezigheid van feitelijke overlast kon de sluiting niet rechtvaardigen.
Ook het argument dat het bewijsmateriaal onrechtmatig verkregen was, werd verworpen omdat er geen sprake was van een ontoelaatbare overheidsdaad. De duur van de sluiting van een jaar werd als proportioneel beoordeeld gezien de vergunningvoorwaarden en de korte tijd tussen vergunningverlening en overtreding. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de sluiting van het horecabedrijf voor de duur van een jaar wegens aanwezigheid van verboden middelen.