ECLI:NL:RVS:2009:BI4040
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins-de Vin
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit legesbetaling vreemdeling wegens ontbreken besluitkarakter
De zaak betreft een hoger beroep van de staatssecretaris van Justitie tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage waarin het beroep van een vreemdeling tegen een aanzegging tot betaling van leges gegrond werd verklaard. De aanzegging tot legesbetaling volgt uit de Vreemdelingenwet 2000 en het Voorschrift Vreemdelingen 2000, maar de Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat deze aanzegging geen besluit is in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De rechtbank had geoordeeld dat de aanzegging een voor bezwaar vatbare beslissing was, maar de Raad van State vernietigt deze uitspraak en verklaart het bezwaar tegen de aanzegging niet-ontvankelijk. De Afdeling stelt dat de vreemdeling bezwaren tegen de legesheffing kan aanvoeren bij het besluit op de aanvraag verblijfsvergunning of via een verzoek om restitutie.
De Afdeling veroordeelt de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten en tot vergoeding van het betaalde griffierecht. De uitspraak treedt in de plaats van het vernietigde besluit van 4 april 2007 waarin het bezwaar ongegrond werd verklaard.
Uitkomst: De aanzegging tot legesbetaling is geen besluit in de zin van de Awb, bezwaar is niet-ontvankelijk, en het besluit van de staatssecretaris wordt vernietigd.