Uitspraak
200602308/1).
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Venray verleende op 29 juli 2008 een revisievergunning voor een legkippen- en nertsenhouderij. Tegen dit besluit werd beroep ingesteld door omwonenden, die diverse bezwaren aanvoerden, waaronder de vraag of sprake was van één inrichting, de noodzaak van een milieueffectrapport, toetsing aan de Wet geurhinder en veehouderij, stank- en geluidhinder.
De Raad van State oordeelde dat het college terecht twee afzonderlijke inrichtingen onderscheidde en dat geen milieueffectrapport vereist was. Ook was de Wet stankemissie correct toegepast, waarbij de afstandsnormen en emissiepunten juist waren vastgesteld. De cumulatie van stank werd niet afzonderlijk beoordeeld, maar dit was niet in strijd met de IPPC-richtlijn.
Ten aanzien van geluidhinder oordeelde de Raad dat het college het geluid van verkeer op een privé-pad terecht buiten beschouwing liet en dat de ventilatiecapaciteit van de nertsenstal voldoende was. Wel werd geoordeeld dat het ontbreken van een controlevoorschrift voor de naleving van geluidgrenswaarden in strijd was met artikel 8.12, vierde lid, van de Wet milieubeheer. Daarom werd het besluit gedeeltelijk vernietigd en het college veroordeeld tot het opnemen van een dergelijk voorschrift en betaling van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit wordt gedeeltelijk vernietigd wegens het ontbreken van een controlevoorschrift voor geluidgrenswaarden; overige klachten worden afgewezen.