ECLI:NL:RVS:2010:BL8697
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- M. Vlasblom
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing huurtoeslag 2006 wegens limitatieve toepassing hardheidsclausule
De Belastingdienst heeft de huurtoeslag 2006 voor wijlen de rechtsvoorganger van appellant definitief vastgesteld op nihil en de toegekende voorschotten teruggevorderd. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze beslissing, maar zowel de rechtbank Arnhem als de Raad van State verklaarden dit ongegrond.
De kern van het geschil betrof de toepassing van de hardheidsclausule in artikel 9, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir). Appellant voerde aan dat de rechtbank ten onrechte het limitatieve karakter van deze clausule had aangenomen en dat haar situatie vergelijkbaar was met die van ouders van minderjarige kinderen, die onder de clausule vallen.
De Raad van State oordeelde dat de wetgever een gesloten stelsel heeft beoogd en dat de hardheidsclausule slechts van toepassing is op de in de regeling genoemde gevallen. De levenslange lijfrente van appellant valt hier niet onder, waardoor de Belastingdienst terecht artikel 7, derde lid, van de Awir toepaste en de toeslag afwees.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de huurtoeslag 2006 bevestigd.