Uitspraak
200206819/1, is artikel 3:11 van Pro de Awb te zien als een uitwerking van de openbaarmakingsplicht, die ziet op het uit eigen beweging verstrekken van informatie door een bestuursorgaan.
Raad van State
Het bestemmingsplan Roode Camer voorziet in de ontwikkeling van circa 80 woningen aan de noordwestzijde van de kern Hank. Diverse appellanten hebben beroep ingesteld tegen het besluit van de gemeenteraad van Werkendam tot vaststelling van dit plan, onder meer vanwege vermeende tekortkomingen in de openbaarmaking van stukken, geurhinder, risico's voor volksgezondheid en verkeersveiligheid.
De Raad van State oordeelt dat de raad niet volledig heeft voldaan aan de actieve openbaarmakingsplicht, maar dat dit gebrek kan worden gepasseerd omdat de stukken alsnog beschikbaar zijn gesteld en betrokken konden worden bij het beroep. Ten aanzien van de geurhinder is vastgesteld dat de geurnorm van 4,5 odour units binnen de wettelijke kaders is vastgesteld, waarbij rekening is gehouden met de huidige en toekomstige geursituatie en de maximale uitbreidingsmogelijkheden van omliggende bedrijven. Het woon- en leefklimaat wordt als aanvaardbaar beoordeeld.
Verder is geoordeeld dat de raad zich redelijk heeft opgesteld ten aanzien van de risico's van Q-koorts en dat geen afstandsnormen zijn vastgesteld die de woningbouw verhinderen. Ook de keuze voor de ontsluitingsweg is zorgvuldig afgewogen, waarbij de verkeersintensiteit en veiligheid adequaat zijn beoordeeld. Er is geen aanleiding om het plan te vernietigen. De beroepen worden ongegrond verklaard.
Uitkomst: De beroepen tegen het bestemmingsplan Roode Camer te Hank worden ongegrond verklaard.