ECLI:NL:RVS:2011:BQ7934
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- C.H.M. van Altena
- P. Lodder
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen bouwvergunningen en proceskostenveroordeling in Lage Mierde
Het college van burgemeester en wethouders van Reusel-De Mierden verleende op 26 april 2010 bouwvergunningen voor het bouwen van halfvrijstaande woningen aan twee locaties te Lage Mierde. Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten, dat door het college werd afgewezen. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van appellant gegrond, vernietigde het besluit op bezwaar en schorste de vergunningen.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. Het college herzag de besluiten en verleende opnieuw vrijstelling en bouwvergunningen. Appellant stelde beroep in tegen deze nieuwe besluiten en verzocht om een voorlopige voorziening. De Raad van State oordeelde dat het college bevoegd was vrijstelling te verlenen en dat de bouwplannen niet in strijd waren met provinciaal beleid of het bestemmingsplan.
De Raad van State stelde vast dat de voorzieningenrechter ten onrechte de proceskostenvergoeding te laag had vastgesteld en de verletkosten buiten beschouwing had gelaten. De voorzitter stelde de vergoeding van reiskosten en verletkosten vast op een hoger bedrag en veroordeelde het college tot vergoeding van de proceskosten in beroep en hoger beroep. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen en het overige van de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, de proceskostenvergoeding is verhoogd en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen.