ECLI:NL:RVS:2011:BR6660
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- R. van der Spoel
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende aannemelijkheid reëel risico schending artikel 3 EVRM
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, gebaseerd op bedreigingen en incidenten gerelateerd aan zijn werkzaamheden als beveiliger in Irak. De minister wees de aanvraag af, waarna de rechtbank het besluit vernietigde en de minister opdroeg een nieuw besluit te nemen.
De minister ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelde dat de minister bij zijn beoordeling ervan uitging dat de door de vreemdeling gestelde feiten zich hadden voorgedaan, maar dat de minister terecht had geoordeeld dat de vermoedens van de vreemdeling niet plausibel waren en dat er geen reëel risico bestond op een schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer.
Verder oordeelde de Raad dat het arrestatiebevel en andere nieuwe asielmotieven niet in de procedure konden worden betrokken vanwege onvoldoende verband en toepasselijkheid. Ook werd het beroep op het gelijkheidsbeginsel verworpen wegens gebrek aan gelijke gevallen.
De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, waarmee het besluit van de minister werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit van de minister tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel blijft in stand.