Uitspraak
200705084/1, dat door de raad in een geval als hier aan de orde een inventariserend onderzoek dient plaats te vinden naar de aanwezige waarden ter plaatse van de locatie waar een dubbelbestemming wordt neergelegd. Nu een dergelijk onderzoek niet heeft plaatsgevonden, is het bestreden besluit op dit punt onvoldoende gemotiveerd.
200801932/1/R1, 29 september 2010, in zaak nr.
200809200/1/R1) rust op het gemeentebestuur de plicht zich voldoende te informeren omtrent de archeologische situatie in een gebied alvorens bij een plan uitvoerbare bestemmingen kunnen worden aangewezen en concrete bouwregels voor die bestemmingen kunnen worden vastgesteld. Het onderzoek dat nodig is voor de bescherming van archeologische (verwachtings)waarden kan blijkens de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 38a van de Monumentenwet (Kamerstukken II 2003/04, 29 259, nr. 3, blz. 46) bestaan uit het raadplegen van beschikbaar kaartmateriaal, maar wanneer het beschikbare kaartmateriaal ontoereikend is, zal plaatselijk bodemonderzoek in de vorm van proefboringen, proefsleuven of anderszins nodig zijn.