ECLI:NL:RVS:2012:BW7273
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens bescherming in Wit-Rusland
De minister voor Immigratie en Asiel wees op 26 oktober 2010 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de minister hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State onderzocht of de minister terecht had geoordeeld dat in Wit-Rusland in het algemeen bescherming wordt geboden, ondanks de gerapporteerde corruptie en mishandeling door politieagenten. De vreemdeling had aangetoond dat zij was mishandeld en bedreigd, maar niet aannemelijk gemaakt dat het vragen van bescherming bij de autoriteiten zinloos of gevaarlijk was.
De Raad oordeelde dat de minister voldoende onderzoek had gedaan naar de situatie in Wit-Rusland en dat het bestaan van een doeltreffend juridisch systeem niet een zelfstandig criterium is om bescherming te weigeren. De rechtbank had ten onrechte geoordeeld dat het besluit van de minister niet zorgvuldig was voorbereid en onvoldoende was gemotiveerd.
Het hoger beroep van de minister werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard.