ECLI:NL:RVS:2012:BX6492
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- J.E.M. Polak
- C.H.M. van Altena
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Herstel besluit college inzake planschadevergoeding en normale maatschappelijke risico
De zaak betreft een hoger beroep van Stichting Esdégé-Reigersdaal tegen een uitspraak van de rechtbank Alkmaar inzake een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Heiloo over een tegemoetkoming in planschade.
De stichting betoogde dat het college ten onrechte niet had onderzocht of de door belanghebbende gestelde schade binnen het normale maatschappelijke risico viel, zoals bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening (Wro). De rechtbank had slechts getoetst of bijzondere omstandigheden een groter deel dan de forfaitaire drempel van twee procent van de waarde van de onroerende zaak rechtvaardigden.
De Raad van State bevestigt dat de wetgever geen nadere regels heeft gegeven voor verhoging van deze drempel, maar dat het eerste lid van artikel 6.2 een zelfstandige betekenis heeft. Alleen schade boven het normale maatschappelijke risico komt voor vergoeding in aanmerking. Het college heeft het besluit niet zorgvuldig voorbereid en onvoldoende gemotiveerd door dit niet als eerste te onderzoeken.
De Afdeling draagt het college op binnen dertien weken het gebrek in het besluit te herstellen en een nieuw besluit te nemen waarbij wordt bepaald of de schade binnen het normale maatschappelijke risico valt en of deze geheel of gedeeltelijk voor rekening van belanghebbende behoort te blijven. Hierbij kan een nader deskundigenadvies worden ingewonnen.
De Afdeling benadrukt dat de beoordeling van het normale maatschappelijke risico moet gebeuren met inachtneming van alle relevante omstandigheden, zoals de aard en omvang van de planologische ontwikkeling, de ruimtelijke structuur, het planologische beleid, de afstand tot de onroerende zaak en het door de ontwikkeling veroorzaakte nadeel.
Uitkomst: Het college wordt opgedragen het besluit te herstellen en opnieuw te beoordelen of de schade binnen het normale maatschappelijke risico valt.