ECLI:NL:RVS:2012:BX8322
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- A. Hammerstein
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking toestemming beveiligingswerkzaamheden wegens onvoldoende betrouwbaarheid
De korpschef trok op 16 juni 2010 de toestemming van appellant voor het verrichten van beveiligingswerkzaamheden in, wegens onvoldoende betrouwbaarheid. Dit besluit werd bevestigd na bezwaar en beroep bij de rechtbank Arnhem. Appellant stelde in hoger beroep dat de onderbouwing onjuist was, met name over een verdenking van mishandeling en het aantreffen van vermoedelijke cocaïne.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de korpschef beoordelingsvrijheid heeft bij het bepalen van betrouwbaarheid en dat hogere eisen gelden voor beveiligingsmedewerkers. Hoewel er gerede twijfel bestaat over de mishandeling, mocht de korpschef dit niet als grondslag gebruiken. Wel mocht hij het aantreffen van vermoedelijke cocaïne en het verrichten van beveiligingswerkzaamheden na intrekking betrekken.
De Afdeling vond dat appellant ook in hectische situaties alert had moeten handelen en de wikkels aan de politie had moeten overhandigen. De verklaring van het bedrijf dat appellant slechts als mystery guest werkte, weerlegt dit niet. De intrekking van de toestemming was daarom terecht en het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De intrekking van de toestemming voor beveiligingswerkzaamheden is bevestigd wegens onvoldoende betrouwbaarheid van appellant.