Uitspraak
200806313/1/H3), uit de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 11 van Pro de Wob (Kamerstukken II, 1986-1987, 19 859, nr. 3, blz. 13) volgt dat het interne karakter van een stuk wordt bepaald door het oogmerk waarmee dit is opgesteld. [appellant] heeft niet aannemelijk gemaakt dat de verslagen zijn opgesteld met een ander oogmerk dan intern beraad.
200608032/1) ligt dat anders indien het betreft het openbaar maken van namen. Namen zijn persoonsgegevens en het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer kan zich tegen openbaarmaking daarvan verzetten. Uit deze rechtspraak kan echter niet worden afgeleid dat namen nimmer openbaar hoeven te worden gemaakt. Het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer dient per geval te worden afgewogen tegen het belang van de openbaarmaking. Bij die afweging dient het uitgangspunt van de Wob - openbaarheid is regel - zwaar te wegen. Daarnaast speelt bij deze afweging de functie van de betrokkene een rol.