ECLI:NL:RVS:2013:1364
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- N. Verheij
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake inreisverbod en asielaanvraag
De minister voor Immigratie, Integratie en Asiel heeft op 12 juli 2012 een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen en het eerder uitgevaardigde inreisverbod van 24 februari 2012 gehandhaafd. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen dit besluit ongegrond.
De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de werking van het inreisverbod tijdelijk was opgeschort door de asielaanvraag, maar na afwijzing van deze aanvraag het inreisverbod weer herleefde. De mededeling dat het inreisverbod wordt gehandhaafd is geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht waartegen beroep kan worden ingesteld.
Daarom vernietigt de Raad van State het vonnis van de rechtbank voor zover het het beroep tegen de handhaving van het inreisverbod ongegrond verklaarde en verklaart de rechtbank onbevoegd om van dat beroep kennis te nemen. Voor het overige wordt het vonnis bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank wordt vernietigd voor zover het het beroep tegen de handhaving van het inreisverbod ongegrond verklaarde.