ECLI:NL:RVS:2013:1908
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- A. Hammerstein
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering exploitatievergunning coffeeshop wegens ernstig gevaar op grond van Wet bibob
De burgemeester van Eindhoven wees de aanvraag van appellanten voor een exploitatievergunning voor een coffeeshop af vanwege ernstig gevaar dat de vergunning zou worden gebruikt om uit strafbare feiten verkregen voordelen te benutten en strafbare feiten te plegen, zoals bedoeld in de Wet bibob. De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, waarna zij hoger beroep instelden bij de Raad van State.
Appellanten voerden onder meer aan dat de besluitvorming onzorgvuldig en onredelijk vertraagd was, dat de burgemeester onrechtmatig had gehandeld door een tip van de Officier van Justitie te verkrijgen, dat de handelsvoorraad softdrugs onjuist was vastgesteld en dat er geen zakelijk samenwerkingsverband bestond met hun broer die strafrechtelijk was veroordeeld. De Raad van State oordeelde dat de burgemeester de adviezen van het Bureau bibob terecht had betrokken, dat de termijnoverschrijding niet leidde tot schending van rechtszekerheid of zorgvuldigheid, en dat het vermoeden van strafbare feiten en het zakelijk samenwerkingsverband voldoende was onderbouwd.
Verder werd geoordeeld dat de burgemeester niet verplicht was zelf nader onderzoek te doen, dat appellanten voldoende gelegenheid hadden gehad zich te verdedigen, en dat de weigering van de vergunning proportioneel was gezien de ernst van het gevaar. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de exploitatievergunning wegens ernstig gevaar op grond van de Wet bibob.