ECLI:NL:RVS:2013:2220
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H. Troostwijk
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vaststelling dat geen nieuw feit of veranderde omstandigheid is gebleken bij afwijzing verblijfsvergunning asiel
De minister heeft op 14 september 2012 een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de minister hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of sprake was van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden, namelijk dat de vreemdeling na de eerdere afwijzing een kritisch lied over de Angolese autoriteiten had uitgebracht op een CD die in Nederland en Angola was verspreid. De vreemdeling stelde dat hij daardoor bedreigd werd en represailles moest vrezen.
De Afdeling oordeelde dat de voorzieningenrechter ten onrechte had aangenomen dat sprake was van nieuw feit of veranderde omstandigheid, omdat de onderbouwing van de vreemdeling slechts bestond uit een verklaring van een vriend die geen objectieve bron was. Tevens ontbrak bewijs dat critici in Angola daadwerkelijk represailles te vrezen hebben in de zin die voor de vreemdeling relevant is.
Daarom is het hoger beroep van de minister gegrond verklaard, de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard omdat geen nieuw feit of veranderde omstandigheid is aangetoond.