ECLI:NL:RVS:2013:925
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.C. Kranenburg
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van vergoeding planschade na vrijstelling bestemmingsplan woonzorgcomplex
Appellant, eigenaar van een woning te Hoensbroek, vorderde vergoeding van planschade veroorzaakt door vrijstellingen van het bestemmingsplan die de bouw van een woonzorgcomplex mogelijk maakten. Het college kende aanvankelijk een lagere vergoeding toe, die later werd verhoogd na bezwaar van appellant. De rechtbank vernietigde het besluit van het college en bepaalde dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand bleven.
In hoger beroep betoogde appellant dat de adviezen waarop het college zich baseerde gebrekkig waren en dat diverse schadefactoren zoals verminderd zonlicht, geluidsoverlast en aantasting van privacy onvoldoende waren meegenomen. De Afdeling oordeelde dat het college de uitspraak van de Afdeling uit 2010 correct had verwerkt in de adviezen en dat alle relevante schadefactoren waren betrokken. De stellingen van appellant werden onvoldoende onderbouwd bevonden.
De Afdeling bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank dat de toegekende vergoeding van €10.600 passend was. Er werd geen aanleiding gezien tot proceskostenveroordeling. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 28 augustus 2013.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt het oordeel van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.