ECLI:NL:RVS:2013:BZ5402
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens ontbreken nieuw feit
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, die door de minister werd afgewezen. De voorzieningenrechter had het beroep van de vreemdeling gegrond verklaard en het besluit vernietigd, maar de minister ging in hoger beroep.
De Raad van State oordeelt dat de door de vreemdeling overgelegde geboorteakte, afgegeven door de Somalische ambassade te Brussel, geen nieuw feit of veranderde omstandigheid vormt omdat de vreemdeling niet aannemelijk heeft gemaakt waarom hij zich niet eerder tot de Somalische autoriteiten heeft gewend. Ook de gezondheidsklachten en de situatie in Somalië zijn onvoldoende onderbouwd om als nieuw feit te gelden.
Daarmee is het hoger beroep gegrond en wordt de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd. Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard, en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning blijft in stand.