ECLI:NL:RVS:2014:1167
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening kinderopvangtoeslag na ontbreken geldige overeenkomsten
De zaak betreft het hoger beroep van een appellant tegen de herziening door de Belastingdienst/Toeslagen van de toegekende kinderopvangtoeslag over de jaren 2008 tot en met 2011. De rechtbank had het beroep van appellant deels gegrond verklaard voor het jaar 2008, maar de overige jaren afgewezen vanwege het ontbreken van de vereiste schriftelijke overeenkomsten.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft overwogen dat de wettelijke bepalingen vereisen dat de ouder een schriftelijke overeenkomst met het gastouderbureau overlegt die voldoet aan de eisen van artikel 11, derde lid, aanhef en onder c, van de Regeling Wko/Wkkp. Appellant had niet kunnen aantonen dat dergelijke overeenkomsten voor de jaren 2009 tot en met 2011 aanwezig waren.
Daarnaast faalde het beroep op de hardheidsclausule en het betoog dat de Belastingdienst de voorschotten niet tijdig had vastgesteld. De Afdeling bevestigde daarom het oordeel van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.