ECLI:NL:RVS:2014:2336
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.W.M. Bijloos
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vaststelling boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen en matiging afgewezen
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde aan appellante een boete van €16.000 op wegens twee overtredingen van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). De rechtbank Amsterdam matigde deze boete tot €12.000 wegens een verminderde mate van verwijtbaarheid. De minister stelde hoger beroep in tegen deze matiging, terwijl appellante incidenteel hoger beroep instelde tegen het besluit.
De Raad van State oordeelde dat appellante onvoldoende inspanningen had verricht om de overtredingen te voorkomen. Zij had niet volledig onderzocht of de vreemdelingen een tewerkstellingsvergunning hadden, vertrouwde te veel op het schoonmaakbedrijf en had nagelaten informatie in te winnen bij bevoegde instanties zoals het UWV-WERKbedrijf. De werkzaamheden waren niet van geringe omvang of duur en de boete was passend gezien de ernst van de overtredingen.
De Raad verwierp het betoog van appellante dat de beleidsregels onredelijk zijn en dat zij minder vergewisplicht had. Ook het argument dat sprake zou zijn van dubbele boeteoplegging werd verworpen, aangezien het ging om twee afzonderlijke overtredingen. De rechtbank had de boete ten onrechte gematigd. Het hoger beroep van de minister werd gegrond verklaard, het incidenteel hoger beroep van appellante ongegrond en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad van State handhaaft de boete van €16.000 wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen en vernietigt het vonnis dat matiging toestond.