ECLI:NL:RBOVE:2015:1703
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Oplegging bestuurlijke boete van 48.000 euro wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen
Eiseres kreeg op 28 mei 2014 een bestuurlijke boete van €48.000 opgelegd wegens het laten verrichten van arbeid door vier Bulgaarse chauffeurs zonder tewerkstellingsvergunning, in strijd met artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). Het bezwaar tegen deze boete werd ongegrond verklaard, waarna eiseres beroep instelde.
De rechtbank overweegt dat eiseres als feitelijk werkgever moet worden aangemerkt omdat de vreemdelingen arbeid voor haar verrichtten met Nederlandse vrachtwagens, ook al waren zij in dienst van een Bulgaars bedrijf. De uitzondering op de vergunningplicht is niet van toepassing omdat de arbeid met in Nederland geregistreerde voertuigen werd verricht.
De rechtbank stelt dat het boeterapport en verklaringen voldoende bewijs leveren voor de overtredingen en dat de boetenormbedragen volgens de Beleidsregel 2014 niet onredelijk zijn. Eiseres heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat haar verwijtbaarheid ontbreekt of dat de boete onevenredig is. Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard en de boete gehandhaafd.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de bestuurlijke boete van €48.000 wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen en verklaart het beroep ongegrond.