ECLI:NL:RVS:2014:3312
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende onderzoek paspoort
De vreemdeling heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, die door de staatssecretaris op 16 mei 2013 is afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de echtheid van het door de vreemdeling overgelegde paspoort, dat was afgegeven op basis van een vermoedelijk frauduleus geboorteakte-uittreksel. De staatssecretaris stelde dat het paspoort met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid frauduleus was verkregen en weigerde de nationaliteit en identiteit van de vreemdeling aan te nemen.
De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris, gelet op het interstatelijk vertrouwensbeginsel, niet zonder nader onderzoek de echtheid van het paspoort mocht betwijfelen. Omdat de staatssecretaris nagelaten had dit onderzoek bij de Guinese autoriteiten te verrichten, was het besluit in strijd met artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De Raad van State vernietigde daarom het besluit en de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond.
De staatssecretaris wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze overwegingen en wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuw onderzoek.