ECLI:NL:RVS:2014:336
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- A.J. Soede
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor woninguitbreiding met afwijking bestemmingsplan in Prinsenbeek
Het college van burgemeester en wethouders van Breda verleende op 17 augustus 2012 een omgevingsvergunning voor het vergroten van een woning op een perceel in Prinsenbeek, met afwijking van het geldende bestemmingsplan. De vergunninghouder wilde de goot- en nokhoogte van de bovenste verdieping met 1 meter verhogen en een dakkapel plaatsen. De appellant maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college en de voorzieningenrechter werd afgewezen.
De appellant voerde aan dat de binnenplanse afwijkingsmogelijkheid onrechtmatig was toegepast, dat de noodzakelijkheid voor de verhoging niet was aangetoond en dat de belangenafweging onjuist was. Ook betoogde hij dat het bouwplan niet voldeed aan de redelijke eisen van welstand en dat de welstandscommissie onjuist had getoetst.
De Raad van State oordeelde dat het college discretionaire bevoegdheid heeft bij het verlenen van een binnenplanse afwijkingsvergunning en dat de toetsing terughoudend is. De noodzakelijkheid voor de verhoging werd voldoende onderbouwd met verwijzing naar het Bouwbesluit 2012. De belangenafweging door het college was redelijk, waarbij ook de omgeving en eerdere vergelijkbare woninguitbreidingen werden betrokken. De welstandstoetsing was correct uitgevoerd op basis van de algemene criteria uit hoofdstuk 5 van de welstandsnota, en de bezwaren tegen de toepassing van hoofdstuk 3 en 4 faalden.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de omgevingsvergunning voor woninguitbreiding wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.