ECLI:NL:RVS:2014:4117
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- H.G. Lubberdink
- B.P. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid burgemeester bij evenementenvergunning en beoordeling Zwarte Piet
De burgemeester van Amsterdam verleende een evenementenvergunning voor de Sinterklaasintocht 2013, waarbij de figuur van Zwarte Piet zou deelnemen. Diverse appellanten maakten bezwaar en stelden dat de vergunning in strijd was met grondrechten vanwege het discriminerende karakter van Zwarte Piet.
De rechtbank oordeelde dat de burgemeester de aanvraag aan artikel 8 EVRM Pro (recht op privéleven) had moeten toetsen, maar de Raad van State vernietigde deze uitspraak. De Afdeling stelde dat de burgemeester bevoegd is de vergunning alleen te toetsen aan openbare orde en veiligheid, zoals neergelegd in de APV en Gemeentewet, en niet aan grondrechten die betrekking hebben op de inhoud van uitingen.
De Afdeling benadrukte dat de mogelijke schending van grondrechten door de figuur van Zwarte Piet voortvloeit uit het handelen van derden en niet rechtstreeks uit het verlenen van de vergunning. Daarom is het aan de civiele rechter om te oordelen over mogelijke discriminatie. De burgemeester mag geen inhoudelijke beoordeling maken van de toelaatbaarheid van uitingen bij vergunningverlening.
De Afdeling verklaarde de hoger beroepen van de burgemeester en Stichting Pietengilde gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank voor zover die appellanten in het gelijk stelde, en verklaarde de beroepen van de tegenstanders van de vergunning ongegrond. Het besluit van de burgemeester bleef in stand en het griffierecht werd aan de Stichting Pietengilde terugbetaald.
Uitkomst: De burgemeester is niet bevoegd om bij vergunningverlening te toetsen op discriminatie door Zwarte Piet; zijn beoordeling beperkt zich tot openbare orde en veiligheid.