ECLI:NL:RVS:2014:4624
Raad van State
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen vereenvoudigde behandeling hoger beroep bestuursrechtelijke zaak afgewezen
Opposante heeft hoger beroep ingesteld tegen een bestuursrechtelijke uitspraak en haar gronden aangevuld door te herhalen wat zij eerder bij de rechtbank had aangevoerd. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij uitspraak van 28 maart 2014 de vereenvoudigde behandeling van het hoger beroep bevestigd omdat de aangevoerde gronden geen nieuwe elementen bevatten en onvoldoende waren om de eerdere uitspraak te vernietigen.
Tegen deze beslissing heeft opposante verzet ingesteld, stellende dat haar hogerberoepschrift voldeed aan de wettelijke eisen en dat zij het hoger beroep op een later tijdstip wilde motiveren vanwege de complexiteit van de zaak. De Afdeling overwoog dat het verzet zich uitsluitend richt op de vraag of de vereenvoudigde behandeling terecht was toegepast wegens kennelijke ongegrondheid van het hoger beroep.
De Afdeling oordeelde dat de stukken geen aanleiding geven om het oordeel over kennelijke ongegrondheid te herzien en dat de procedure correct was gevolgd, inclusief de mogelijkheid om de gronden aan te vullen. Het verzet werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzet tegen de vereenvoudigde behandeling van het hoger beroep is ongegrond verklaard.