ECLI:NL:RVS:2016:103
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen kosten bestuursdwang voor onjuiste afvalinzameling ongegrond verklaard
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 18 december 2014 spoedeisende bestuursdwang toegepast door een huisvuilzak te verwijderen die naast een ondergrondse restafvalcontainer was aangetroffen. Het college achtte appellant verantwoordelijk omdat in de zak een poststuk was gevonden dat naar haar adres herleidbaar was.
Appellant betwist niet dat de zak van haar afkomstig is, maar stelt dat zij de zak in de klep van de container heeft geplaatst, waar deze niet naar beneden viel. Zij vermoedt dat iemand anders de zak heeft verplaatst. De Afdeling bestuursrechtspraak overweegt dat de persoon aan wie het afval kan worden herleid in principe als overtreder wordt aangemerkt, tenzij aannemelijk wordt gemaakt dat hij het voorschrift niet heeft geschonden.
De stelling van appellant dat zij beide zakken correct heeft aangeboden, is onvoldoende om aan te nemen dat zij niet de overtreder is. Bovendien heeft zij het risico genomen dat een ander de zak zou verplaatsen, wat haar kan worden toegerekend. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen het kostenverhaal van bestuursdwang wordt ongegrond verklaard.