ECLI:NL:RVS:2016:1177
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- C.J. Borman
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Vaststelling subsidie Brijder Verslavingszorg en Parnassia Groep wegens strijd met Awb nietig verklaard
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag stelde bij besluit van 13 december 2013 de subsidie aan Brijder vast op €2.514.344,00, met terugvordering van teveel betaalde voorschotten. Na bezwaar en herziening werd de subsidie verhoogd naar €2.540.737,00, maar de rechtbank vernietigde dit besluit en stelde de subsidie overeenkomstig de oorspronkelijke subsidieverlening vast.
Het college stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, terwijl Brijder en Parnassia incidenteel hoger beroep instelden tegen het standpunt van het college dat ook bezoldigingen van bestuurders van Parnassia aan Brijder konden worden toegerekend. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de subsidieverplichting met betrekking tot de inkomensgrens uit de Haagse Kaderverordening Subsidieverstrekking (HKS) niet strekt tot verwezenlijking van het subsidiedoel, maar tot inkomenspolitiek.
Daarmee is artikel 10, zevende en achtste lid, van de HKS in strijd met de artikelen 4:38 en 4:39 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en derhalve onverbindend. Dit betekent dat het college de subsidie niet mag verlagen op grond van deze bepalingen. De Afdeling vernietigde het bestreden besluit en stelde de subsidie aan Brijder vast op €2.645.208,00. Tevens werden proceskosten aan Brijder en Parnassia toegekend.
Uitkomst: Het besluit van het college tot subsidiekorting wegens overschrijding topinkomensnorm is vernietigd en de subsidie aan Brijder vastgesteld op €2.645.208,00.