ECLI:NL:RVS:2016:2221
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel Reer Hamar
De staatssecretaris wees op 17 juli 2015 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, met de opdracht tot een nieuw besluit. Zowel de vreemdeling als de staatssecretaris gingen in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het onderscheid dat de staatssecretaris maakt tussen intrekking van reeds verleende verblijfsvergunningen aan leden van de Reer Hamar en afwijzing van nieuwe aanvragen niet ongerechtvaardigd is. Dit onderscheid is gebaseerd op Europese richtlijnen en jurisprudentie van het Hof van Justitie, waarbij intrekking een hogere drempel kent vanwege verworven rechten.
De Raad van State vernietigde het vonnis van de rechtbank voor zover deze niet de rechtsgevolgen van het oorspronkelijke besluit in stand liet en de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen. Het hoger beroep van de vreemdeling werd ongegrond verklaard, dat van de staatssecretaris gegrond. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en dat van de staatssecretaris gegrond, waarbij het oorspronkelijke besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning in stand blijft.