ECLI:NL:RVS:2016:2394
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woning wegens handel in hard- en softdrugs en wapenbezit
De burgemeester van Schiedam heeft op 13 augustus 2014 besloten de woning van appellant voor zes maanden te sluiten na een politieonderzoek waarbij handelshoeveelheden harddrugs (XTC-tabletten) en softdrugs (hasj en henneptoppen), een half geladen vuurwapen en een kogelwerend vest werden aangetroffen.
Appellant maakte bezwaar tegen de sluiting, dat door de burgemeester werd afgewezen. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State overweegt dat de burgemeester bevoegd is tot sluiting van woningen waar handelshoeveelheden drugs worden aangetroffen, ook zonder dat daadwerkelijk verkoop is vastgesteld. De vaste gedragslijn van de burgemeester om woningen met harddrugs voor zes maanden te sluiten wordt bevestigd, evenals het Damoclesbeleid. Het beroep van appellant dat de sluiting onevenredig is en in strijd met het gelijkheidsbeginsel zou zijn, wordt verworpen.
De Raad stelt dat de aanwezigheid van harddrugs, recidive of aanwijzingen van georganiseerde misdaad ernstige omstandigheden zijn die een sluiting zonder waarschuwing rechtvaardigen. De sluiting is een herstelsanctie en geen straf, en de duur van zes maanden is passend gezien de omstandigheden. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de sluiting van de woning voor zes maanden en verklaart het hoger beroep ongegrond.