ECLI:NL:RVS:2016:2745
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor bedrijfswoning wegens ontbreken volwaardig agrarisch bedrijf
Het college van burgemeester en wethouders van Castricum verleende op 4 december 2012 een omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning met bedrijfspand. Hiertegen stelde een partij bezwaar en beroep in, waarna de rechtbank het besluit op bezwaar vernietigde vanwege onjuiste gegevens over de arbeidsomvang van het agrarisch bedrijf van appellant.
Het college kon het gebrek niet herstellen omdat appellant ten tijde van het besluit het merendeel van zijn gronden had verkocht en zijn bedrijf hoofdzakelijk bestond uit contractteelt, waarbij hij diensten verleende aan derden. Adviezen van de Stichting Agrarische Beoordelingscommissie en Adviesbureau CLEVIN bevestigden dat het bedrijf niet volwaardig agrarisch was.
Het college herzag het besluit en weigerde de vergunning opnieuw. Appellant voerde aan dat het college onvoldoende onderzoek had gedaan en dat sprake was van voortzetting van zijn agrarisch bedrijf. De Afdeling oordeelde dat het college zich terecht baseerde op de adviezen en dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zijn bedrijf volwaardig agrarisch was.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de weigering van de vergunning. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de weigering van de omgevingsvergunning wegens het ontbreken van een volwaardig agrarisch bedrijf.