ECLI:NL:RVS:2016:2908
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing herzieningsverzoek kinderopvangtoeslag 2009
Bij besluit van 14 mei 2014 wees de Belastingdienst/Toeslagen het verzoek van appellante om herziening van het voorschot kinderopvangtoeslag 2009 en de definitieve vaststelling over 2010 af. Appellante stelde beroep in tegen de afwijzing, maar trok het hoger beroep voor 2010 in na tegemoetkoming door de Belastingdienst.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het hoger beroep over 2009. De Belastingdienst had het voorschot over 2009 in 2012 herzien en op nihil gesteld wegens het ontbreken van een deugdelijke overeenkomst en onvoldoende bewijs van betaling van de kosten. De rechtbank bevestigde dit standpunt.
Appellante voerde onder meer aan dat de Belastingdienst niet bevoegd was tot herziening na het verstrijken van beslistermijnen en dat zij niet hoefde te bewijzen dat zij de kosten had betaald. De Afdeling oordeelde dat de Belastingdienst binnen de vijfjaarstermijn bevoegd was tot herziening en dat de bewijslast bij appellante ligt. Ook het argument over de onafhankelijkheid van de Afdeling faalde.
De Afdeling concludeerde dat de rechtbank terecht het beroep ongegrond verklaarde en bevestigde de uitspraak. Tevens werd toegezegd dat de Belastingdienst het griffierecht en proceskosten voor 2010 zou vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.