ECLI:NL:RVS:2016:3431
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Helder
- J. Kramer
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar Stichting Leefbaar Buitengebied tegen Nbw-vergunningen Overijssel
Het college van gedeputeerde staten van Overijssel verleende vergunningen op grond van artikel 19d van de Natuurbeschermingswet 1998 voor een pluimveehouderij en een varkenshouderij. Stichting Leefbaar Buitengebied (SLB) en Stichting VROM? maakten bezwaar tegen deze besluiten, dat door het college niet-ontvankelijk werd verklaard wegens gebrek aan belanghebbende status.
SLB voerde aan dat zij feitelijke werkzaamheden verricht ter behartiging van een belang dat rechtstreeks bij de besluiten is betrokken, zoals het informeren van het publiek, overleg met politici en het bijwonen van bijeenkomsten. VROM? stelde eveneens dat zij activiteiten ontplooit die haar belang aantonen. De Raad oordeelde dat SLB op grond van haar statutaire doelstellingen en feitelijke werkzaamheden vóór 1 oktober 2015 als belanghebbende kan worden aangemerkt, en dat het college het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk verklaarde.
Voor VROM? was het aantal feitelijke werkzaamheden beperkt tot een website en een enkele lezing, wat onvoldoende is om als belanghebbende te kwalificeren. De beroepen van SLB zijn gegrond verklaard, die van VROM? ongegrond. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan SLB en tot terugbetaling van griffierecht aan beide stichtingen.
Uitkomst: Het bezwaar van Stichting Leefbaar Buitengebied is ontvankelijk verklaard en het besluit tot niet-ontvankelijkverklaring vernietigd; het beroep van Stichting VROM? is ongegrond verklaard.