ECLI:NL:RVS:2017:1183
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- B.P.M. van Ravels
- B.J. Schueler
- Rechtspraak.nl
Verlening ontheffing regulering damhertenpopulatie in Natura 2000-gebieden Zeeland
Het college van gedeputeerde staten van Zeeland verleende een ontheffing aan de Faunabeheereenheid voor het opzettelijk verontrusten en doden van damherten in Natura 2000-gebieden Kop van Schouwen en Manteling van Walcheren voor de periode 2015-2019. De Faunabescherming stelde beroep in tegen het besluit, stellende dat het college onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat regulering noodzakelijk was vanwege welzijnsproblemen en beheerdoelstellingen.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit wegens onvoldoende motivering, met name over het ontbreken van aantoonbare problemen met het welzijn van de damhertenpopulaties en het niet aannemelijk maken van noodzaak tot ingrijpen vanwege beheerdoelstellingen.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde het college in het hoger beroep in het gelijk. Zij oordeelde dat een ontheffing slechts kan worden verleend indien noodzaak bestaat, maar dat het college aannemelijk had gemaakt dat regulering noodzakelijk is om negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura 2000-gebieden te voorkomen. Het recente ecologische onderzoek toonde aan dat de damhertenpopulatie het omslagpunt heeft bereikt waarbij negatieve effecten optreden, en dat preventief ingrijpen gerechtvaardigd is.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep van Faunabescherming ongegrond en bevestigde de rechtmatigheid van het handhavingsbesluit. Tevens werd het betaalde griffierecht aan de Faunabeheereenheid vergoed.
Uitkomst: De ontheffing voor het reguleren van de damhertenpopulatie is rechtmatig en het beroep van Faunabescherming wordt ongegrond verklaard.