ECLI:NL:RVS:2017:1446
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit CBR tot onderzoek rijvaardigheid na mutatierapport politie
Het CBR heeft appellant verplicht mee te werken aan een onderzoek naar zijn rijvaardigheid naar aanleiding van een mutatierapport van de politie Rotterdam waarin zijn rijgedrag als onveilig werd beoordeeld. Appellant betwistte de juistheid van het mutatierapport en verwees naar persoonlijke omstandigheden en zijn lange rijervaring.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Raad oordeelt dat de waarnemingen van de surveillanten betrouwbaar zijn en dat de persoonlijke omstandigheden en het korte traject niet afdoen aan de geconstateerde rijonveiligheid.
Het CBR had ook aangevoerd dat appellant geen procesbelang meer had omdat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard, maar de Raad stelt dat appellant wel belang heeft bij een inhoudelijke beoordeling vanwege gemaakte kosten voor rijlessen ter voorbereiding op het onderzoek.
De Raad concludeert dat het mutatierapport juist is en dat het besluit van het CBR om een rijvaardigheidsonderzoek op te leggen terecht is. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het CBR tot onderzoek rijvaardigheid bevestigd.