ECLI:NL:RVS:2018:1454
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk bij onderzoek geschiktheid rijbewijs na hersenletsel
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) legde appellant een onderzoek op naar zijn geschiktheid om motorrijtuigen te besturen, gebaseerd op vermoedens van niet langer voldoen aan lichamelijke en geestelijke eisen, na een collaps in 2012 en hersenletsel vastgesteld in 2015.
Appellant werkte niet mee aan het onderzoek, waarna het CBR zijn rijbewijs ongeldig verklaarde. Dit besluit werd niet aangevochten en is in rechte onaantastbaar geworden. Het hoger beroep richtte zich tegen het onderzoek, maar de Afdeling overwoog dat appellant geen reëel en actueel belang heeft bij het hoger beroep, omdat hij zijn rijbewijs niet kan terugkrijgen zonder medewerking aan een onderzoek.
De Afdeling concludeerde dat appellant door het hoger beroep niet in een gunstiger positie kan komen en dat het onderzoek kosteloos was. Er is geen procesbelang en daarom is het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.