ECLI:NL:RVS:2017:2125
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- R. van der Spoel
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over vrijheidsontnemende maatregel vreemdeling
Bij besluit van 29 mei 2017 legde de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie een vrijheidsontnemende maatregel op aan een vreemdeling. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze maatregel gegrond, hief de maatregel op en kende schadevergoeding toe. De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank en toetst het besluit van 29 mei 2017 opnieuw. De vreemdeling voerde aan dat het significante risico op onderduiken niet terecht was gebaseerd op het niet op de juiste wijze binnenkomen van Nederland en het ontbreken van voldoende middelen van bestaan. De Afdeling oordeelt dat de vreemdeling bij binnenkomst weliswaar een geldig paspoort en Schengenvisum had, maar met zijn asielwens een langdurig verblijf beoogde waarvoor geen geldig visum aanwezig was. Dit maakt de grond van het niet op juiste wijze binnenkomen feitelijk juist.
Verder stelde de vreemdeling dat vanwege zijn hiv-besmetting en depressiviteit een lichter middel had moeten worden toegepast. De Afdeling stelt vast dat de staatssecretaris deze omstandigheden heeft betrokken bij zijn belangenafweging en dat er geen medische gronden zijn om de vrijheidsontnemende maatregel op te heffen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: De vrijheidsontnemende maatregel blijft van kracht en het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard.