ECLI:NL:RVS:2017:2226
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- J.J. van Eck
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verzoek uitzettingsopschorting vreemdeling
De vreemdeling uit Kameroen verzocht de staatssecretaris om haar uitzetting op te schorten vanwege medische klachten. De staatssecretaris wees dit verzoek op 5 april 2016 af, gebaseerd op een medisch advies van het Bureau Medische Advisering (BMA). De behandelaars van de vreemdeling reageerden met een brief waarin zij begeleide terugkeer adviseerden.
De rechtbank oordeelde dat het besluit onzorgvuldig was voorbereid omdat de staatssecretaris niet aanvullend advies had gevraagd over de noodzaak van begeleiding tijdens de reis. De staatssecretaris stelde in hoger beroep dat het BMA en de behandelaars dezelfde medische gegevens hadden gebruikt en dat een verschil in conclusies niet betekent dat het advies onzorgvuldig is.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de staatssecretaris aan zijn vergewisplicht had voldaan, dat het verschil in medische interpretatie niet tot vernietiging leidt en vernietigde het vonnis van de rechtbank. Het beroep van de vreemdeling werd alsnog ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van opschorting van uitzetting wordt gehandhaafd.