ECLI:NL:RVS:2017:3252
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering kinderopvangtoeslag wegens onvoldoende betaling kosten
Appellant maakte in 2014 gebruik van buitenschoolse opvang en ontving daarvoor voorschotten kinderopvangtoeslag. De Belastingdienst stelde bij besluit vast dat appellant niet had aangetoond alle kosten van de opvang te hebben betaald en vorderde de voorschotten terug.
De rechtbank oordeelde dat appellant slechts een deel van de kosten had betaald en daarom de terugvordering terecht was. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zij slechts betaalde wat de kinderopvang vroeg en niet op de hoogte was van een openstaand bedrag, waardoor zij niet kon worden verweten dat zij niet het volledige bedrag had voldaan.
De Raad voor de Rechtspraak overwoog dat op grond van de Wet kinderopvang en de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen de ontvanger van toeslag een deugdelijke administratie moet bijhouden en moet aantonen dat de kosten daadwerkelijk zijn betaald. Het verschil tussen de totale kosten en de betaalde bedragen was geen klein afrondingsverschil. Het risico van gebrekkige communicatie van de kinderopvang komt voor rekening van appellant.
De Afdeling bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van kinderopvangtoeslag bevestigd.