ECLI:NL:RVS:2017:3337
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- J. Kramer
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake paspoortaanvraag minderjarige uit bigaam huwelijk
De minister van Buitenlandse Zaken stelde de aanvraag van een Nederlands paspoort voor het minderjarige kind van [wederpartij] buiten behandeling omdat het kind niet automatisch Nederlander was vanwege de bigame status van het huwelijk van de vader ten tijde van de geboorte. De rechtbank Den Haag oordeelde echter dat het kind op grond van een eerdere uitspraak als juridisch kind van [wederpartij] moest worden beschouwd en dat de aanvraag moest worden toegewezen.
De minister ging in hoger beroep en voerde aan dat de rechtbank ten onrechte de uitspraak van 12 februari 2015 als gerechtelijke vaststelling van het vaderschap had aangemerkt. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat deze uitspraak niet aan de vereisten van een gerechtelijke vaderschapsvaststelling voldeed en dat de Rijkswet op het Nederlanderschap limitatief bepaalt wanneer het Nederlanderschap wordt verkregen.
Verder werd overwogen dat het bigame huwelijk destijds niet in Nederland werd erkend wegens strijd met de openbare orde, maar dat het huwelijk na ontbinding van het eerste huwelijk wel erkend kan worden. Dit betekent echter niet dat het kind automatisch Nederlander is geworden. Het beroep van [wederpartij] werd ongegrond verklaard en het hoger beroep van de minister gegrond, waarmee de uitspraak van de rechtbank werd vernietigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van [wederpartij] ongegrond verklaard.