ECLI:NL:RVS:2017:428
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- C.J. Borman
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake kinderopvangtoeslag 2013 wegens onjuiste motivering
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de Belastingdienst/Toeslagen over de kinderopvangtoeslag voor 2013. De Belastingdienst had het voorschot op de toeslag herzien naar nihil wegens vermeend te late betalingen en onduidelijkheden over de kosten. De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond vanwege het niet horen van appellant en vernietigde het besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen.
De Raad van State oordeelt dat appellant alle kosten van kinderopvang heeft voldaan, dat de betalingstermijn van twee maanden na het jaar niet als fatale termijn moet worden opgevat, en dat de Belastingdienst onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de betalingen buiten beschouwing moeten blijven. De rechtbank heeft onterecht de rechtsgevolgen in stand gelaten.
De Raad vernietigt dit deel van de uitspraak en bepaalt dat de Belastingdienst de aanspraak op toeslag opnieuw moet berekenen en een nieuw besluit moet nemen. Tevens wordt de Belastingdienst veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de Belastingdienst moet de kinderopvangtoeslag 2013 opnieuw berekenen.