ECLI:NL:RVS:2018:289
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing handhaving loonwerkbedrijf te Gilze
Het college van burgemeester en wethouders van Gilze en Rijen wees het verzoek van een partij om handhavend op te treden tegen het gebruik van een perceel voor een loonwerkbedrijf af. De rechtbank oordeelde dat er geen concreet zicht was op legalisering en verklaarde het beroep van de partij gegrond, waardoor het besluit van het college werd vernietigd.
In hoger beroep stelde de appellant dat het gebruik van het perceel als loonwerkbedrijf niet in strijd was met het bestemmingsplan vanwege overgangsrecht. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het loonwerkbedrijf ten tijde van de peildatum in strijd was met het toen geldende bestemmingsplan en dat het gebruik niet als nevenactiviteit kon worden aangemerkt.
De Afdeling overwoog dat het college terecht kon afzien van handhavend optreden omdat er concreet zicht was op legalisering door een ontwerpbestemmingsplan dat het loonwerkbedrijf toestond. De rechtbank had ten onrechte aangenomen dat het ontwerpbestemmingsplan geen rechtskracht zou verkrijgen. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de partij ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de appellant wordt ongegrond verklaard en het college mocht afzien van handhavend optreden.